Tsjerkebuorren 10, 12, 14 en 8

Nr. 49, nu Tsjerkebuorren 10, de Kosterswoning.

De kosters woning. Voorheen Reinder Reitsma, Klaas Sytema  en nu Jacco de Vries. (geen koster)

 

Froukje Bergsma de vrouw van Hubert Bergsma de skûtsje skipper. Bij de waterput naast het huis van H. Lautenbach.

 

De bij ons oudst bekende eigenaar in de 19e eeuw is Klaas Lazes Hooghma, verwer te Bozum. We praten dan over de tijd van vóór 1839 tot ongeveer 1849
De woning wordt omstreeks 1864 verbouwd of opnieuw gebouwd en verkocht aan de Kerkvoogdij. Die maakte er  de kosterswoning van en een consistorie (Tsjerkebuorren 8, op het kaartje van 1900 met de stippellijntjes ingetekend, want ‘bedrijfsgebouw’).
Die twee hoorden bij elkaar. Je kon van 10 naar 8 komen door een brede binnendeur in de tussenmuur.

Gabriel Faber, timmerman, koster en ongelovige.
Een bekende bewoner van de kosterswoning was aan het eind van de 19e eeuw: Gabriel Faber, sociaaldemocraat en timmerman te Boazum. Hij was een felle atheïst en liet dit duidelijk blijken ook naar kerkgangers en dorpsgenoten. Naast zijn vak als timmerman was hij ook koster van de kerk. Samen met timmerman Biesma deed hij het onderhoud van de kerk. De Dominee heeft hem meerdere malen op zijn atheïsme aangesproken. Faber kon zich niet voorstellen dat de dominee het niet met hem eens was. In de geest van: “Dat je de gelovigen een rad voor de ogen draait, is tot daaraantoe, maar dat je er zelf ook in gelooft… Dat méén je toch niet!”  Door zijn duidelijke houding als ongelovige, ook al deed hij zijn kosterswerk, werd door de kerkvoogdij besloten om hem dan maar uit zijn kostersambt ontzetten en hij moest de kosterswoning ook verlaten. Dat besluit werd met deurwaarder en al uitgevoerd.  Naar verluidt zou het gezin zelfs uit het dorp zijn vertrokken. We vinden het echtpaar weer terug in een klein afgeschoten woninkje onder het dak van De Havens 5 en in de jaren twintig van de vorige eeuw woonden ze in het huis bij de timmermanswerkplaats op Tsjerkebuorren 12, nu Auke Land.  Gabriel is in Bozum, op 86-jarige leeftijd op 17 februari 1923 overleden.

Rond 1900 woonde hier Hans Postma met zijn vrouw Geertruida.  Hij was veerschipper en slager (men noemde hem ook wel krengenslager). Hij handelde in vee.
Tussentijds is niet meer bekend wie er woonde.
Vanaf het begin van de vijftiger jaren woonden hier achtereenvolgens:
– Reinder en Griet Reitsma
– Jorrit en Gryt van der Wal
– Jan en Willy Cuperus (de ouders van Romy)
– Klaas Sytema, tot eind jaren zeventig.
– Gerjan en Alie Holkema-van der Zee.
– En na verschillende kortstondige bewoners uit het westen, nu dan Jacco.

 

de riolering van de kerk wordt aangelegd in 1981. Langs de kosterswoning naar de schuur van de kosterswoning. Dit is Hans Spel ( schoonzoon familie Heins)

 

Hun zoon Anne woonde en werkte in de timmerzaak op de Tsjerkebuorren 12. Zijn moeder Beppe Jetske Faber-van Dijk, woonde bij hem in en vierde in 1934 haar 100e verjaardag.  Dochter Ytje woonden daar ook nog bij. Deze Anne Faber heeft er nog een paar jaar voor gezorgd dat Teatske’s pake Ane tijdens zijn ziekte, elke dag in en uit de bedstede kon komen.

 

Tsjerkebuorren 12, nu Huize Land.

Het huis van Harm Lautenbach met de timmerwerkplaats van Gabriel Faber. En de kerk er op de achtergrond. Nu woont Auke Land hier.

Ons verhaal begint ook hier rond 1832: het begin van het Kadaster.
De eerste eigenaar is dan: Klaas Lazes Hooghma, schilder, die van origine uit Easterwierrum komt. Hij heeft ook het huis dat er ruggelings tegenaan staat, ter plaatse van Tsjerkebuorren 8 en 10. Dat laat hij in 1863 opnieuw optrekken en verkoopt het dan. Het huis aan de vaart gaat echter al in 1849 over in handen van Pietje Baukes Buringa. Zij is getrouwd met Pieter Sijbrens van der Velde en is ook eigenaresse van een boerderij op Kleiterp. Zij verwerft het huis in 1848 en doet het meteen weer van de hand: Schipper en koopman Pieter Gerrits Tjallema wordt de nieuwe eigenaar. Hij pakt de zaken goed aan: hij laat op deze plek een nieuw huis bouwen. Het huis blijft zijn eigendom tot zijn dood in oktober 1881. Het huis wordt het jaar daarop verkocht aan Cornelis Reimers Faber uit Lutkewierum.
Of het huis binnen de familie blijft, weet ik niet, maar in 1897 koopt Anne Gabriels Faber, de zoon van de atheïstische koster met de aartsengel naam: Gabriël Faber en Jetske Faber-van Dijk, welke laatste in 1934 ten huize van haar zoon haar 100ste verjaardag viert.

De vrouw van Gabriel, Jetske Faber-van Dijk op honderdjarige leeftijd in 1934.

Beppe Jetske Faber-v Dijk in de bloemetjes op haar 100 ste verjaardag. 1934


Beppe Jetske Faber 100 jaar op 08-09-1934

 

knipsel 08-09-1934

 

De kinderen van Jetske Faber. zittend 2e v rechts vr Zwarteveen achter haar Karst Zwarteveen haar man. Deze was bakker aan de Havens [nu Foppe Boonstra] hier in de tuin.
De versierde poort bij haar huis. Door de poort zie je de schuur die tussen Jacko en Alie’s huis in staat. Linksaf ga je naar Tsjerkebuorren.

Timmerman Anne blijft hier wonen tot in 1950. Dan vestigt Harmen Lautenbach zich hier. Tot hij laat in de zomer van 1987 komt te overlijden.

Dan trekt de familie Auke Land hier in. Hij zorgt dat het hoekje weiland voor zijn huis als zijn tuin wordt omgevormd. Voor hem en voor de boer voordelig, omdat de trekker nbij het maaien niet meer dit onhandige hoekje hoeft mee te nemen en de familie Land een ruime voortuin heeft. Om dat te bewerkstellingen, moest echter wel het binnenpad worden omgelegd, zodat dat niet meer over zijn gerechtigheid liep. Dat binnenpad loopt nu om de uitloper van de Bozumervaart en langs Dûbelspan heen.

Harm en Trijn Lautenbach voor hun woning, Tsjerkebuorren 12. foto 1971

 

De melkemmer van H Lautenbach. Hij was werkzaam bij H. Huitema .

 

Een foto uit 1960 met onderin het brugje Ane Lanting en Jonneke Dijkstra.

Tsjerkebuorren 14 – De Schuur.

De sloot is gedempt en het bruggetje is verleden tijd. Op een kleurendia van Dorpsbelangen is nog te zien dat de hoek van de schuur als openbaar toilet werd gebruikt: de plek was geheel uitgebeten en diverse stenen waren uit de hoek gevallen. Als je op deze foto goed kijkt zie je de wit uitgebeten plek en het gat in de hoek van de schuur nog, waar het cement door de zouten van het plassen gebleekt en uitgewaterd was! Deze foto is genomen in de winter van 1991 toen de drie wilgen werden gerooid. De hoek van de schuur is natuurlijk weer in de oude orde hersteld. Bij de kerk van Lutkewierum, was tot ver in de jaren ’80 van de vorige eeuw ook nog een heuse ijzeren urinoirbak in de hoek naast de kerktoren. Deze is nu ook al weer decennia geleden opgeruimd.

De verderop bij Tsjerkebuorren 8 genoemde Hooghma was tot ±1848 ook eigenaar van deze schuur. Toen is er kadastraal een scheiding aangebracht. Hij verkocht de schuur aan Sietze Baukes Buringa, landbouwer te Grouw. In die tijd was Buringa ook nog een bekende Boazumer naam.
Die verkoopt de schuur blijkbaar hetzelfde jaar al weer door. Dat jaar werd de schuur ook opnieuw opgetrokken (‘amotie en herbouw’ staat er in het kadaster) terwijl het dan ook onder een andere naam staat geregistreerd.
Dat is Pieter Gerrits Tjallema. Hij is schipper en koopman. Gezien het feit dat de Boazumer Vaart toen nog een vrije doorgang had langs het dorp, zal er door hem wel handelswaar zijn opgeslagen.
Zijn zoon Gerrit Pieters is samen met zijn moeder ook nog eigenaar geweest. Hij gebruikte de schuur als schilderswerkplaats. Hij woonde in het huis op Dokter Miedemastrjitte 12. Hij verkoopt omstreeks 1869 de werkplaats aan de Kerkvoogdij. Mogelijk is op dat moment de oppervlakte van de kosterswoning van 144 m2 opgetrokken tot 210 m2.
De oppervlakte van de schuur verandert in de loop der jaren door kadastrale hermetingen nog wel eens, maar tot in de jaren ’90 van de vorige eeuw verandert het niet meer van eigenaar. Bij de verkoop van de kosterswoning in 1991, werd deze schuur meeverkocht. Jacco heeft hem tenslotte helemaal opgeknapt. Nu is er een huiskroeg ingericht, waar zijn zoon nog wel eens vrienden ontvangt. Jacco heeft er ook een kantoorruimte ingericht, waar een verzameling miniatuur tractoren staat opgesteld.

 

De was is van Lautenbach. Het oude brugje is rechts nog net te zien.

 

Kerkbuurt, een mooi overzicht.

 

Foto van voor 1920. Er zitten  2 galmgaten in de kerktoren. Er zijn tussen 1938 -1945  2 galmgaten bij gemaakt. Dus vanaf 1945 zijn er 4 galmgaten.

 

Tsjerkebuorren 2 en 6 in 1978. In vergelijking met de vorige foto is er wel het een en ander veranderd! Zo is het secreet verdwenen, en is de voorbouw van nr. 2 aan de vaart nu opgetrokken in steen, met een recht dak. In plaats van in hout en een aflopend dak. De raampartijen zijn ook veranderd. tenslotte is er een grote dakkapel verschenen. Rechts de werkplaats van nr. 14, toen Harmen Lautenbach.
Tekening van Tsjerkebuorren, door Jappie Lanting in de jaren vijftig vanaf het weiland getekend. Links de oude situatie van Huize Dijkstra en rechts Huize Land, met de werkpklaats prominent in beeld. Door de bovendeur werden vrroeger de planken en ander hout dat de timmerman bgebruikte, vanaf de schuit naar binnen geschoven.

 

 

Huize De Wit voorheen van Jopie Slagter en voor hem van Durk Gerlofs.  foto 1975

Tsjerkebuorren 8

Dit adres was tot en met 1863 eigendom van de schilder Klaas Lazes Hoogma. Hij heeft het huis in 1863 herbouwd en verkocht het aan de kerk. De kerkvoogdij heeft er een consistorie van gemaakt. Als zodanig heeft het lang gefunctioneerd
In 1916 is er een bouwvergunning gegeven voor de verbouw van consistoriekamer  tot woning. Toen Bas en Maja de Wit het kochten in 1970, troffen ze die situatie nog bijna geheel aan, zoals het toen werd ingericht. Alleen de bedsteden waren er uit gesloopt en er was een schuurtje bijgebouwd.
Rond juli/september 1925 zijn Reinder Reitsma en Grietje Huizinga erin getrokken. Of zij de eerste bewoners waren, is ons niet bekend. Ze zijn in juli dat jaar in de gemeente Dantumadeel getrouwd. Voor ze op de Tsjerkebuorren kwamen te wonen, heeft het stel een paar maanden op een ander adres in Bozum gewoond. Vermoedelijk in de Goudtsjeblomsteech. Mei 1935 zijn ze verhuisd en kwam Durk Visser hier te wonen. Hij maakte in november 1940 plaats voor Rienk Zwaga, totdat de kerk het huis in februari 1952 verkocht aan Nanne Hoitenga en Ernst Koopmans, twee boeren. Die hebben het een paar maanden later verkocht aan Durk en Trijntje Gerlofs. Zij hebben er van mei 1952 tot juni 1966 gewoond en verkochten het aan Joop Slagter en zijn partner Pieter. Voor hen zal het een tweede woning zijn geweest. Zij gaven het huis de passende naam ‘Requiescat in pace’ (Rust in vrede), zo tegenover het kerkhof.  Per juli 1970 trokken Bas en Maja de Wit vanuit Zaandam in Tsjerkebuorren 8. Zij wonen er nog steeds.

de vrouwen die woonden op it Tsjerkhofsein , foto genomen in de tuin van nu familie Bas de Wit, met zicht op oude meesters woning met de veren boven de deur. De vier namen weten we nog: Rinske Althuisius de mem van Anna Taekes, Janke de vrouw van Klaas Scheffer, Pietsje de vrouw van Abe Wieringa en Wytske Reitsma-de Jong (de oerbeppe fan Tryntsje Venema). De foto is van voor 1925.

Tsjerkebuorren 8 en 10, anno 2021