Waltawei 39

Waltawei 39, gebouwd door Hendrik Tjipkes Biesma

De Waltawei zoals het er in 1926 bijstond. De Electriciteitspaal staat in vol ornaat naast het huis. Rond 1920 werd in Boazum de electriciteit aangelegd. Het huis is in het voorjaar van 1909 gebouwd door de oude timmerman Hendrik Tjipkes Biesma en werd in eerste instantie door hemzelf bewoond. Het heeft een gebroken kap, zoals meer huizen in het dorp. Het huis is in 2024 dus 115 jaar oud!

Waltawei 39 is de eerste woning die buiten het gebied van de in 1875-1877 afgegraven terp van de weduwe Bottje Koopmans gebouwd werd. Op de onderstaande kadastrale hulptekening is dat goed te zien. Het perceel dat Biesma kocht (met het kadastrale nr E 1316) heeft hij als het ware van het weiland afgesnoept dat toen eigendom was van Carel Herman Ferdinand Alexander Corbelyn Battaerd.
Zijn leefruimte steekt duidelijk verder het weiland in dan het perceel ernaast. Daar zie je nog vaag ingetekend het huis van de smid Pieter Holster.

Op dit kadastrale kaartje met de situatie van het toen pas gebouwde huis zie je dat er geen centimeter ruimte overbleef aan de grens met het gebied van de buurman. Aan de rechterkant, vanaf de weg gezien, hield hij zo de meeste ruimte over voor de tuin. Tegenwoordig zou het huis keurig centraal gepland zijn, zodat je er aan alle kanten omheen kunt lopen. Het huis verderop met het kadastrale nummer 1318 is trouwens Waltawei 29. Dat werd in het voorjaar van 1908 gebouwd, ook door Biesma.
Dit kaartje is van Juli 1909. Dat betekent dat het huis in 2 maanden gebouwd zou zijn tussen 30 april 1909 en juli 1909. De eerste datum is van de bouwvergunning en de tweede datering van deze hulpkaart. Het kadaster komt pas als het resultaat er is. Die bouwperiode is wel wat sneller dan we tegenwoordig gewend zijn. Vermoedelijk krioelde het op de bouwplaats van timmerlieden en metselaars, zodat die termijn gehaald kon worden.

Het huis zoals het ‘ergens’ in de vorige eeuw werd gefotografeerd met heel veel dames en meisjes in vol ornaat. De foto zal ergens in de jaren ’10 van de vorige eeuw zijn gemaakt.  Er is nog géén electriciteitspaal te zien, zoals op de bovenstaande foto uit 1926. De kleding van de dames en kinderen lijken wel uit de tijd dat de plaatjes uit de Ot en Sien boekjes van Ligthart en Scheepstra getekend werden. (Eerste druk van 1906!) De Elektrificatie van het dorp in 1920, heeft nog niet plaatsgevonden. In de bestuursverslagen van de Emmaschool wordt rond die tijd namelijk melding gemaakt over de verlichting in het onderwijzershuis! BOvendien zijn de bomen ook kleiner dan die op de foto uit 1926.

De bouw van het huis
In April 1909 vroeg Bozumer timmerman Hendrik Tjipkes Biesma vergunning aan om een nieuw huis voor zichzelf te bouwen:

Op de plattegrond van zijn huis zie je de praktische eenvoud van de toen gangbare luxe wijze van indelen: de voordeur en de gang in het midden. Traditioneel, zoals alle betere huizen in die tijd werden gebouwd. Links en rechts woonruimten en vanuit de gang de trap in een hoek naar boven. Het bijzondere van het ontwerp is de schuur: het “Wasch- en turfhok”. Op de ingeleverde bouwtekening zie je dat die ruimte een rare vorm had: het huis staat haaks op de straat, maar de schuur staat tegen de schuine grens gepland van het perceel van zijn toenmalige buurman, de smid Pieter Holster.

Een fragment uit de Bouwvergunning:

De Gemeente opzichter, later had hij de titel Directeur gemeentewerken, had geen bezwaar tegen het bouwen, noch tegen de plaatsing van het huis tegen de linker grens. Hij eiste weer wel dat de waterput minstens 2.000 liter groot zou worden, dat de huiskamer in ieder geval netto 16 m2 moest zijn en dat de schoorsteen halfsteens gemetseld moest worden. Ik vermoed dat de gemeente opzichter toen aan het leren was hoe je naar te bouwen huizen moest kijken. De wet op de Volksgezondheid was in 1906 vastgesteld. Als uitvloeisel van die wet was vastgesteld dat er in 1916 in elke gemeente een gemeentelijke bouwverordening moest komen waarin de gezondheid van de bewoners als belangrijkste uitgangspunt gold.

Op de plattegrond zie je door de voorkamer, de gang en het kamertje een grove stippellijn lopen met links en rechts de letters C en D. Daarmee wordt de doorsnede van het huis aangegeven die op bovenstaande tekening staat uitgewerkt.

Op de plattegrond zie je door de voorkamer, de gang en het kamertje een grove stippellijn lopen met links en rechts de letters C en D. Daarmee wordt de doorsnede van het huis aangegeven die op bovenstaande tekening staat uitgewerkt.

Een winterse foto van het huis, gemaakt tijdens de beruchte winter in  februari 1979

De oorspronkelijke trap is nog altijd aanwezig.

Het aardige is dat er in de gang enkele geschilderde afbeeldingen bewaard zijn gebleven.

Duco Dekinga staat in de gang, onder de sierlijke schildering van een zwaan. Linksachter zie je in het pleisterwerk nog een zwaan.

Duco heeft de illustraties en de kalken muur, heel voorzichtig schoongemaakt. Ze lijken weer als nieuw.

Daar tegenover is nog een mozaïek in de witte wand: met het beeld van een molen. De oude zonneblinden van de ramen stonden er gedeeltelijk voor. Maar de afbeelding is nog heel goed te zien.

 

Waltawei 39, zoals het er in mei 2020 bij stond. Alien Spoelstra woonde er toen al. Duco Dekinga, de tuinman, was al druk aan de gang om het naar hun zin in te richten. 

Bewoners.
Hendrik Biesma is er direct ingetrokken en heeft er tot zijn dood in januari 1925, gewoond. Vervolgens is zijn zoon Tjipke met echtgenote Haukje Ykema er gaan wonen. Na zijn dood op 15 april 1940 bleef Houkje er alleen wonen. Zij is op 23 juli 1945 overleden.
Daarna heeft Ane Wijngaarden het een half jaar gehuurd. Hij kwam van Middenmeer en verhuisde in april 1946 weer terug. Vervolgens heeft Taeke Ruardi hier tot in september 1948 zo’n 2 jaar als huurder gewoond.
De erfgenamen van Tjipke en Haukje Biesma verkochten het huis medio 1947 aan Jan Hendrik de Waard. Hij woonde aan de andere kant van het dorp op Waltawei 2. In 1948 heeft De Waard het huis doorverkocht aan Anne Smit. Hij woonde ernaast in de toenmalige Smederij, annex fietsenwinkel.  Eerst heeft zijn broer Krijn, die bij hem in de smidse werkte, er even gewoond, maar in januari 1949 ruilde Anne Smit met zijn broer en trok er zelf in.
De familie bleef er tot in 2004 wonen.
Het huis is toen aangekocht door Van der Meulen. Hij heeft hier van 2005 tot in 2017 gewoond. Hij had een uitgebreide bibliotheek over die partij en het socialisme in de voorkamer staan. Hem bleek dat de oude boom achter het huis zijn hele huis ontwrichtte. Zodoende kreeg hij verlof om de boom te verwijderen.
Rond 2020 is Alien Spoelstra hier komen wonen, samen met tuinman Duco Dekinga. Hij heeft het druk met zijn werk binnen en buiten het dorp. Hij is langzaam maar zeker bezig om het huis te moderniseren. Achter huis heeft hij tussen de bedrijven door ook een nieuwe overkapping gebouwd voor zijn tuindersgereedschap.

Met dank aan de medewerkers van ‘De Tiid’, Duco Dekinga, Teatske Lanting en Frans Tolsma.
Bronnen:
Het Kadaster.
Het archief van de voormalige gemeente Baarderadeel.
Het archief van het bestuur van de Emmaschool.