De geschiedenis van Dokter Miedemastrjitte 6

De Schoolstraat rond 1909. Aan deze kant van de straat ligt nog het Pastorieland. Van de rij huizen is nu belangrijk: het huis links van het witte ‘Hoge huis’.

Dokter Miedemastrjitte 6 was in 2022 170 jaar oud. Het heeft een veelbewogen leven achter de rug met vele eigenaars en verbouwingen.
Breuker meldt het gebouw in zijn tweede serie oudste huizen: die van ná 1832, dat jaar begon het kadaster officieel. In die serie van Breuker is het d.: ‘It hûs fan Frou Semplonius út 1852, (zie de Doarpsskille van oktober 1971)
Dit huis komt voor het eerst tevoorschijn op een hulptekening van het Kadaster, getekend op 15 april 1853. Het huis zal dus in 1852 gebouwd zijn. (Breuker geeft ook aan dat het 1852 is, omdat de administratie van het Kadaster altijd een jaar achterloopt) Daarvoor was het weiland. Of een opening naar de open vlakte in het vierkant (E472) aan de doorgaande weg door het dorp en tussen de weggetjes die later de Tryntsjebuorren, De havens en de Dokter Miedemastrjitte zullen gaan heten.

Het dorpsgebied van Boazum in 1832. De kerk is in zwart weergegeven (E371). De toekomstige plek Dokter Miedemastrjitte 6 is groen gearceerd

 

Op deze detailkaart staat aangetekend dat op Baard E 413 gebouwd is en dat het toen, op 15 april 1853, het kadastrale nummer Baard E 593 heeft gekregen.

 

De eerste kadastrale administratie van Dr. Miedemastrjitte 6.

Tijdens deze eerste administratie van 1832 (het begin van het kadaster) is het een boomgaard. Zie regel 1.
Uit deze administratie blijkt dat Meilema ook het huis ernaast (ter plaatse van Dr. Mie 8) in bezit blijkt te hebben. Zie regel 2
In regel 3 wordt gemeld dat er een huis en erf op dit perceel staat. Bovendien blijkt dat Meilema het verkocht heeft: het ging in 1857 over naar een nieuwe eigenaar. Zie daarvoor het volgende leggerartikel, hieronder. Dat is van Sytze Oenes Sytsma. Regel 1 in de administratie van S.O. Sijtsma hieronder)

De Kadastrale legger van Sijtse Oenes Sijtsma, de tweede eigenaar van dit huis.

Sijtsma verbouwt in 1857 ook in het pand. De administratie gaat dan van regel 1 naar regel 3 met een nieuw kadastraal Nr.: 604. Al gauw verkoopt hij het huis in 1859 aan Jan Rintjes Heeringa. Zie de administratie van hem: regel 4.

Hulpkaart Baard E 15 van 27 mei 1857:

Hier staat aangetekend dat E 593 uitgebouwd is en het nieuwe nr 604 heeft gekregen. (Daarnaast ligt, met 603, het pand waar Biesma het huis Dr Miedemastrjitte 8 en 10 voor hemzelf gaat bouwen. 602 is de plek van het huis van Juf Neelie ).

Heeringa verkoopt het huis in 1870 aan Sijtse Pieters Rollema.

Dit zijn citaten uit de akte van februari 1870:
Notarieel archief Kantoor nr. 115 Roordahuizum Albertus Wiersma
acte 42 op 25 februari 1870
Verkoop van Baard E 604 en 410 tussen Jan R. Heeringa en Sijtse Pieter Rollema
…De eerzame Jan Rintjes Heringa Landbouwer wonende in Bozum de welke comparant bij deze verklaarde uit de hand te hebben verkocht … aan Sytse Pieters Rollema koopman mede te Bozum woonachtig die mede comparerende zulks erkende en in koop verklaarde te accepteren. Een voor weinige jaren nieuwgebouwd Burgerhuizing met erf stalling, wagenhuis buithuis waarin stalling voor acht hoornbeesten en een paard houten hooischuur uitloopend secreet, achtererf, bleek, vruchtboomen, boomen en plantagie cum anexis staande en gelegen in de buren te Bozum kadastraal gebied gemeente Baard Sectie E nummer 604 ter grootte van twee vierkante roeden negentig vierkante ellen en (E nummer) 410 boomgaard groot een vierkante roede vierenveertig vierkante ellen Thans bij Bangma in huur…
En:
… gaven de comparanten verkooper en kooper mij notaris gezamenlijk te kennen deze overeenkomst van verkoop en koop te hebben aangegaan voor een Koopsom van vierduizend gulden Nederlandsche munten in het geheel…
Daarna volgen zoals altijd, de diverse voorwaarden.

In 1882 koopt Heeringa het huis terug. Hij heeft het opnieuw laten inmeten, omdat hij het met de boomgaard erachter heeft samengevoegd. Het geheel is nu groter geworden: van 434m2 naar 570m2.
Overigens heeft Heeringa ook de drie huisjes op de hoek (nu Dr. Miedemastrjitte 2 en 4) in bezit, maar dat terzijde.
Op 23 december 1912 overlijdt hij en in 1913 worden alle huizen en landerijen van hem door de erfgenamen verkocht.
Het huis en de tuin, waar het hier omgaat gaan over naar Frans Sakes Lanting. Uit de verkoopacte blijkt dat zijn vader Sake Frans Lanting, dit huis al sinds 1811 huurt voor fl. 145,- per jaar, te betalen per 1 november. Frans kocht het provisioneel voor fl. 1501,- en moest er uiteindelijk finaal fl. 1791,- voor neerleggen. In eerste instantie staat hij in het kadaster te boek als een koemelker later werd dat veehouder.

Hij vraagt 3 juni 1913 een vergunning aan om een houten hooiberg te laten bouwen. De Gemeente opzichter Van der Laan geeft aan dat binnen de bebouwde kom geen houten gebouw kan worden gebouwd. Een halfsteens gebouw van dezelfde afmetingen, mag wel. 16 juni krijgt hij daarvoor vergunning. Zodoende is het gebouw 14m2 groter geworden.

De uitbreiding met de stenen hooi opslag. Het Kadastrale nr is van E1106 gewijzigd in E 1349.

Vervolgens heeft Lanting op 3 maart 1914 een vergunning aangevraagd om aan de voorkant van zijn huis aan de rechts de muur naar binnen te schuiven. Daar werd het meest rechtse raam aan opgeofferd.

De aanvraag van Frans Lanting met hieronder de tekening hoe hij het gedacht had.

 

 

Het resultaat van die verbouwing, zoals het er heden ten dagen uitziet. Let op het overstekende dak.

Hij vraagt vervolgens op 12 oktober 1915 een bouwvergunning voor een paardenstal achter de bestaande hooiberg. Een week later krijgt hij die vergunning, op voorwaarde dat de urine in een dichte gierput wordt opgevangen.
De hooiberg was al in 1913 gebouwd door Timmerman Biesma. Erachter kwam de Paardenstal te staan.
Frans Lanting verkoopt het huis in 1922. De kopers zijn Rients Pieters Jongema, zonder beroep, te Leeuwarden en Jacob Andles Palsma, taxateur en administrateur te Huizum. Misschien wel strijkgeldschrijvers, al blijft het huis achteraf wel lang in hun eigendom.

Hans Semplonius, de huurder van het pand, had waarschijnlijk ruimte nodig voor zijn wagenmakerij. Daaarvoor verbouwt hij de stal tot werkplaats.

Op de tekening zijn de witte muren de bestaande en blijvende muren, de gearceerde lijnen geven de nieuwe aanbouw en de stippellijntjes staan voor de afte breken muur. Echter ik kan de tekening niet in het huidige plan plaatsen. Wel als de tekening gespiegeld weergegeven is! Dan past het wel, al kloppen de maten niet echt in de tekening…

Dit is  tot in de jaren zeventig de laatste verbouwing in het pand. De plattegrond van het huis en werkplaats zag er sindsdien als volgt uit:

Dit is de situatie sinds die verbouwing. Volgens de bouwtekening van Frans de Groot

In 1937 vindt er een aanpassing van het eigendom plaats: Palsma stapt uit deze samenwerking. Later gaat het huis over naar de weduwe en vervolgens naar de dochter Joukje Jongema.

Een uitsnede uit de mooie luchtfoto die in 1969 werd genomen. De Dokter Miedemastrjitte, met naast het witte hoge huis de woning van toen: Semplonius. Met enige moeite is het tweede dak te zien en daarachter dwars er op, het dak van de werkplaats. Links daarvan de werkplaats van Cuperus. Achter de witte bestlbus de schuur die nu bij de woning van  Bart en Evelien Hoekstra is getrokken.

In 1973 wordt nog 31 m2 van de voortuin afgesnoept: de gemeente koopt dan een stukje voortuin, zoals ze in de hele straat deed, om de ‘Schoolstraat’ te verbreden.
Mevrouw Jongema verkoopt het huis uiteindelijk in 1974 via de BV Jan Keijzer aan Frans en Els de Groot. Zij gaan er ook wonen en verbouwen het huis weer eens: wat voorheen een hooiberg was, werd in 1977 bij hen een ruime achterkamer. Frans vertrekt september 1994.
Diezelfde maand trekt Mevrouw Boonstra-Kalma in het huis. Zij woont hier nu alweer bijna 30 jaar!

De Bewoners van het huis in de afgelopen eeuw:
In de 19e eeuw kan het huis verhuurd zijn door de diverse eigenaren. Het is mij niet duidelijk wie er gewoond heeft.
1913-1923 – Frans Sakes Lanting. Wijlen Jappie Lanting vermoedde dat hij er als strijkgeldschrijver aan is blijven hangen. Hij heeft het overigens niet alleen provisioneel gekocht, maar ook finaal.
Van mei 1923 tot april 1930 huurde Frans Semplonius de woning en werkplaats. Hij was wagenmaker. 16 April 1930 stierf zijn vrouw. Daarom zal zoon Hans vanaf dat moment de hoofdbewoner zijn geworden.
04-1930 – 08-1971 Hans Semplonius
08-1971 – 11-1973: De weduwe Hieke Semplonius-De Vries
07-1974 – 09-1994: Frans en Els de Groot.
09-1994 – heden: Mevrouw M.J. Boonstra-Kalma

Dokter Miedemastrjitte 6 door Jappie Lanting
Jappie Lanting schreef destijds in de Doarpsskille van oktober 1995 over het huis. Uit de eerste alinea blijkt dat Mevrouw Boonstra het huis ook onder handen heeft laten nemen.

Jappie vult de beschrijving van de geschiedenis van het huis aan met achtergrond informatie over de steeg links met de daar destijds achterliggende Steenhouwerij en het oude Bûthús van Keimpe Stienstra. De schets van het huis is wat schematisch.

Bronnen:

Het archief van Frans Tolsma,
Het archief van de gemeente Baarderadeel voor de Bevolkingsboekhouding  en de bouwvergunningen,
Het Kadaster,
Teatske Lanting voor de bewoners in de 20e eeuw,
De Doarspsskille fan Boazum o.a. oktober 1995 voor het artikel van Jacob Lanting over dit huis,
www.allefriezen.nl voor bevolkingsgegevens en de gebruikte notariële akten,
Foto’s van Hessel Fluitman.