De herinneringen van Klaas Posthumus aan Boazum

De Goudblomsteeg 1960.Dit was een steeg,naast het huis waar nu Ben Voulon woont aan de Tsjerkebuorren. Waar de bloemen voor de ramen staan woonde Klaas met zijn ouders. Bij de volgende 2 ramen woonde Thomas Buwalda en daar naast woonde de fam Klaas Sytema en op het einde van de rij woonden Sjoerd en Marijke Dijkstra met hun klompen en laarsen  en brandstoffen.

Beste Boazumers.
Toen Frans Tolsma mij vroeg om een verhaal te schrijven over mijn jeugd was ik eigenlijk direct bereid.
Ben in 1950 geboren en ik woonde in Leeuwarden met mijn moeder. Mijn biologische vader was huisarts in Leeuwarden, maar er was geen contact meer met hem. Later in mijn leven kreeg ik weer contact met hem. Een situatie die nu normaal is maar toen niet. Toen ik in Bozum kwam was ik 5 jaar.

Klaas met zijn moeder, Anne. foto uit de collectie van Klaas 1955
Jan Posthumus.
Situatie rond de Kerk rond 1900. Klaas Posthumus woonde in het huis dat hier nummer 65 had.

We kwamen wonen aan de Tsjerkebuorren 70, in de steeg met familie Sytema en Thomas Buwalda die vrijgezel was. Aan de andere kant woonde alde Trientsje Zwaga. Verder herinner ik me Bokke Reitsma, de familie Dijkstra met Jonneke, Petie Molle en Chris. De familie Lanting, Teatske en Elleke die toen achter het kerkhof woonden. We woonden bij Jan Posthumus en doordat mijn moeder een relatie met hem kreeg, draag ik nog steeds zijn achternaam. Het was in het begin van de jaren ‘50 van de vorige eeuw een heel andere tijd dan nu, zo vlak na de 2e wereldoorlog, maar wel andere een tijd met veel inhoud. Begin zestiger jaren gingen we weer in Leeuwarden wonen waar mijn moeder een huis kocht. Ik ging naar de lagere school in Boazum waar ik Frans Tolsma en Keimpe Stienstra leerde kennen en waar ik nu na vele jaren weer contact mee heb. Als ik nu bij Frans thuis ben en zijn enorme collectie foto’s en documenten zie dan was en is Bozum een bijzonder dorp.

Schoolfoto uit 1963 achter v.l.n.r: Frans Tolsma, Willem Sierdsma, Tjeerd Liemburg, Hielkje Sierdsma, Tineke Hardenberg, Tjitske Hoitenga, meester Ph. Breuker, Jannie Bergsma, Trijntje Fransbergen, Keimpe Stienstra, Klaas Posthumus, Klaas Sloot, Durk Schaap, juf Riemke v/d Ley, Ytsen Schaap Midden: Hannie Weidema, Harry de Vries, Nynke Hoitenga, Rixt Tjallema, Gatske Bakker, Nynke Schaap, Chris Dijkstra, Douwe Bakker, Jantien Wijnia, Jan Scholtanus, Jonneke Dijkstra, Wiebe de Vries voor: Wierd Sloot, Wietske Hoitenga, Maaike Tolsma, Nammen Schaap, Siepie Wijnia, Feije vd Wal, Yke v Dijk, Germ Stenekes en Jaring Schaap.

Op de lagere school zat ik in de klas bij juf Postma later bij juf Blauw met wie ik heel goed overweg kon. Juf Blauw kwam ook uit Leeuwarden en woonde toen ook net als ik toen, in Huizum. Een mooie schooltijd, ondanks de schooltandarts. Knikkeren en tipeljen op het schoolplein. We droegen allemaal klompen en die moesten op school uit en in een klompenrek in school hadden we z.g. klompsokken aan. Klompen kochten we bij Sjoerd en Marijke die ook de brandstofhandel hadden. We hadden 2 lokalen klas 1, 2 en 3 in een lokaal en 4, 5 en 6 in het andere lokaal. In klas 4 kwam ik bij meester Bosch die naast de school woonde en niet veel later naar Drachten verhuisde.
Toen kwam meester Breuker, een jonge meester. Toen hij kwam solliciteren, was hij in militair uniform en dat maakte bij ons grote indruk. We waren allemaal erg blij met deze meester omdat hij ons meenam naar buiten de natuur in. Hij was het ook die de jaarlijkse herfst tentoonstelling organiseerde met ons. Met de bus naar de bossen in Bakkeveen was prachtig en met de boswachter materiaal verzamelen voor onze herfsttentoonstelling. In het huis waar nu Henk Kroes woont, mochten we op woensdagmiddag tv kijken. Series als vier veren waterval en Pipo de clown.
In de klas moesten we ook voor de kachel zorgen en grote kolenkitten scheppen in het kolenhok tussen de lokalen. Er was ook een onderduikers plaats in de school en die was bereikbaar via het zolderluik. Deze plaats werd gebruikt in de tweede wereldoorlog. Achter de school was een schiphuis voor de boot. Als ik de schoolfoto’s zie dan zie ik wel bekende gezichten maar weet ik niet meer alle namen. Buiten schooltijd speelde ik vaak met Keimpe en Frans. Keimpe Stienstra zijn vader was boer en vond ik erg leuk. Keimpe en ik voeren in varkenstroggen door de sloten. En we waren veel in de landerijen, zo ook stekels trekken met Lammert Hilarides. Als beloning kregen we dan een flesje joy, een groen bol flesje. Ook was ik veel op de boerderij naast Stenekes, van vrouw Margareta van der Meer Schöttler een Duitse vrouw. De boer was tijdens het voeren van de varkens onwel geworden en overleed ter plaatse. Deze gebeurtenis heeft veel indruk op mij gemaakt. De zoon heette Johannes en de knecht ook. De vele dieren vond ik prachtig

De boerderij van Geart v/d Meer aan de Singel, met de melkboot in de opvaart.Nu is hier de camping van Piet de Boer.

De melk werd opgehaald met de melkboot. Toen ik 9 was mocht ik mee met de melkboot en dat ging via Stenekes naar Wieuwerd. De melkfabriek was echt iets voor mij. Kaasrandjes eten en wei drinken. Later hielp ik in de fabriek en kreeg ik kaas mee naar huis als beloning. Met Keimpe en Frans ontdekten we carbid en daar knalden we mee in een Buisman busje. Verder herinner ik mij Tjerk Vutter die achter de paard en wagen van melkboer Wieringa aan liep om restjes brij van de grond te likken. Germ Wieringa had een groot appelhof. Frans zijn vader was slager en daar zag ik hoe koeien en varkens geslacht werden.
Op woensdag middag naar de bovenzaal van het café waar iemand kwam om films te draaien zoals o.a. Robinson Crusoe. Ook kwam er wel eens iemand met een buikspreekpop. Wat we ook prachtig vonden was de merke met de draaimolen en de zweef. De opbouw was ook mooi maar ook afbreken en dan geld zoeken en loodjes van de schiettent. Ik herinner me Boazum ook zeker met mooie zomers en vaker winters met ijs en sneeuw. Ik heb schaatsen geleerd op de poel waar we naast woonden.

Nelis Dijkstra in de deur van zijn winkel aan de Tryntsjebuorren.

Het was wel een dorp met veel activiteit zoals 2 bakkers, 2 kruideniers, 2 slagerijen, 2 smederijen, 2 timmerbedrijven, vee export en 2 scholen. Een café, 1 kapper, een steenhouwerij enz, en een winkel met allerhande (Nelis Kwatsje) waar we knikkers kochten maar ook verjaardags- en sinterklaascadeautjes. Ik denk dat die veelvoud aan dubbele winkels en scholen ook wel te maken heeft gehad met de geloofsovertuiging en toch was het als dorp een eenheid. In de pastorie woonde toen dominee Palmboom die in het dorp ook een maatschappelijke rol vervulde als er bijzondere brieven geschreven moesten worden en de zondagschool waar we allemaal heen gingen. Familie van ons woonde in de omringende dorpen b.v. Sypersma bus- en veevervoer en taxibedrijf in Oosterwierum en was een oom van mijn stiefvader. Een andere oom (Posthumus) was boer in Jorwerd en nog een andere oom woonde in Lutjewinkel (N.H.). Familie van mijn moeders kant woonde o.a. in Australië en Frankrijk en als die in Bozum op visite kwamen sprak iedereen in Bozum erover dat er Fransen in het dorp waren. Ze kwamen dan met de LAB-bus uit Leeuwarden.

De LAB bus van station Leeuwarden naar Bozum.

Ik draag Boazum nog steeds een warm hart toe en als we naar Sneek rijden maak ik graag een ommetje via Boazum. We lopen dan over het kerkhof en met het lezen van de vele voor mij bekende en veelzeggende namen beleef ik Boazum van toen weer helemaal. b.v. Willem Sytema zoon van Klaas en Hielkje Sytema. Pieter en Pietje Dijksta vader en moeder van Chris, Petie,  Molle en Jonneke. Mevrouw van der Meer-Schöttler, de boerin waar ik graag kwam. Wieger Wijnia, de timmerman en zijn vrouw, waar mijn Vader Posthumus ook gewerkt heeft en veel restauratie werk aan de kerk deed. En vele andere namen die me iets zeggen maar zeker ook mijn pake en beppe Posthumus hoewel ik ze nooit in levenden lijve heb gekend. Sietze Posthumus en Jannigje Sypersma die weer directe familie van familie  Sypersma in Oosterwierum is. Een poosje geleden met open kerken dag ben ik met mijn vrouw nog in de kerk van Boazum geweest en heb wat in het kerk register geschreven o.a. dat ik vroeger van de koster na het klokken luiden aan het touw mocht hangen tot de klok weer stil hing. Over het kerkhof lopend kon je door een klaphekje naar ons volkstuintje waar we van alles zoals aardappels groentes en bloemen verbouwden. Ik ben nu 70 jaar en mijn moeder is maar 64 jaar geworden in 1989 overleden. Jan Posthumus is overleden in 1986.
Bedankt Boazum voor de bijdrage aan mijn mooie jeugd.

Klaas Posthumus